Galsteenkoliek (cholelithiasis) v4

004448 v.4

Algemeen

Galstenen ontstaan als het oplosbaarheidsproduct van galbestanddelen die steenvorming bevorderen (bijv. cholesterol) en galbestanddelen die steenvorming remmen (bijv. galzure zouten en fosfolipiden) wordt overschreden (lithogene galsamenstelling), of wanneer een disbalans is ontstaan tussen nucleatie bevorderende en -remmende factoren. Een vertraagde lediging van de galblaas kan ook cholesterolsteenvorming bevorderen (‘sludge’ vorming). Vaak is galsteenlijden asymptomatisch, maar er kunnen klachten ontstaan door ontsteking of obstructie van de galblaas/galwegen. Dit veroorzaakt heftige pijn in de rechter bovenbuik, rug en schouderbladen en kan ook jeuk en/of geelzucht tot gevolg hebben. Galstenen kunnen veel complicaties geven.

De prevalentie van galblaasstenen is 13-22% in Westerse landen en risicofactoren zijn vrouwelijk geslacht, overgewicht, leeftijd (> 40 jaar), zwangerschap, snel gewichtsverlies, diabetes mellitus, cirrose, oestrogenen gebruik, parenterale voeding en positieve familie anamnese.

Voor de diagnose moet onderscheid worden gemaakt in:

  • Symptomatische galstenen: De ‘biliaire koliek’ (een heftige aanhoudende pijn in de (rechter)bovenbuik met bewegingsdrang gedurende meer dan 30 minuten en korter dan 12 uur) is het meest betrouwbare symptoom van galblaasstenen. Overige symptomen: misselijkheid, braken en geen koorts.
  • Cholecystitis (ontsteking galblaas): continue pijn rechtsboven in de buik en koorts
  • Cholangitis (ontsteking galwegen): tekenen van cholestase: ontkleurde ontlasting, donkere urine, icterus en koorts of sepsis.

Niet-medicamenteuze behandeling

Voedingsaanpassingen: vetarm dieet is niet gebleken effectief te zijn. Voedingsvezels zouden galzuurproductie reduceren.
Bij herhaalde galsteenkolieken of acute cholecystitis gaat men over tot verwijdering van de galblaas door cholecystectomie.

Medicamenteuze behandeling

Galsteenkoliek wordt symptomatisch bestreden met diclofenac; alleen bij contra-indicaties kan morfine worden gebruikt.
Symptomatische behandeling van galsteenkoliek

  • Bij hevige klachten: diclofenac i.m. 75 mg 2x per dag met een tussenpoos van enkele uren gedurende 1-3 dagen, max. 200 mg per dag.
  • Bij onvoldoende effect: morfine 10 mg subcutaan of intramusculair.
  • Pijnbestrijding bij milde klachten of recidief: diclofenac tabletten of -zetpillen (50 tot 100 mg per keer, maximale dagdosis 150 mg) of naproxentabletten of -zetpillen (250 tot 500 mg per keer, maximale dagdosis 1000 mg).Gebruiken bij opkomende pijn.
  • Bij contra-indicaties voor NSAID’s: morfine oraal of zetpillen (2 x daags 10 tot 20 mg) in combinatie met een laxans.
  • Geef patiënten met een verhoogd risico op maagcomplicaties maagbescherming.

Acute cholecystitis en cholangistis
Overleg indien nodig met de internist over de behandeling. Antibiotica alleen bij hoog risico cholecystitis: sepsis, perforatie of immuundeficiëntie. Bij cholangitis: Amoxicilline/clavulaanzuur 500/125 mg 3x daags.

Referenties

1 Het acute boekje ‘Galsteenlijden’, augustus 2018
2 Certe Antibioticaboek Gastro-intestinale en intra-abdominale infecties: ‘Cholangitis’, augustus 2018
3 Fraanje Wl, Giesen PHJ, Knobbe, K, Van Putten AM, Draijer LW. Farmacotherapeutische richtlijn Geneesmiddelen en zuurstof in spoedeisende situaties, Huisarts Wet 2012;55(5):210-20