Glaucoom v5

004700 v.5

Algemeen

Glaucoom is een aandoening waarbij de oogboldruk verhoogd is. Meestal ontstaat de drukverhoging geleidelijk en veroorzaakt het in eerste instantie geen klachten. Wel kan sluipend gezichtsveldverlies en tenslotte blindheid ontstaan. De typische patiënt is een ouder iemand met hypermetropie; glaucoom komt bij 2-6% van de 80-plussers voor.

Bij chronisch glaucoom treedt er een geleidelijk en pijnloos gezichtsveldverlies op dat vaak lang onopgemerkt blijft. Eén van de belangrijkste risicofactoren voor glaucoom is een verhoogde intraoculaire druk (IOD). Bij open-kamerhoekglaucoom wordt de verhoogde intraoculaire druk veroorzaakt door een belemmering van de afvoer van kamerwater ter hoogte van het trabekelsysteem. Een verhoogde oogdruk leidt lang niet altijd tot glaucoom en een belangrijk deel van de patiënten die wel glaucoom hebben, heeft een normale oogdruk (normale-drukglaucoom).

Bij een aanval van acuut glaucoom treedt een blokkade op van de circulatie van het kamerwater ter hoogte van de pupilopening. De daarop naar voren geduwde iris sluit vervolgens, in geval van een ondiepe voorste oogkamer, de kamerhoek af. Een acute glaucoomaanval gaat gepaard met een heftige (hoofd)pijn gelokaliseerd ter hoogte van de wenkbrauw, misselijkheid en braken, wazig zien, een rood oog, cornea-oedeem en een middelwijde lichtstijve pupil. De dikwijls extreem hoge oogdruk tijdens een aanval veroorzaakt binnen enkele uren een irreversibele beschadiging van de oogzenuw. Een spoedverwijzing naar de oogarts is daarom vereist.

Medicamenteuze behandeling

Behandeling van glaucoom dient door de oogarts te gebeuren.

Bij open-kamerhoekglaucoom zijn oogdruppels met timolol of een prostaglandine-analogon de eerste keus behandeling. In de meeste gevallen is behandeling met oogdruppels levenslang. In overleg met een oogarts kan hier van worden afgeweken.

Oogdruppels (algemeen)
  • De meeste oogdruppels bevatten conserveermiddelen die, evenals de werkzame stoffen, overgevoeligheidsreacties kunnen veroorzaken.
  • Oogzalf bevat wolvet en ook dit kan aanleiding geven tot overgevoeligheid.
  • De meeste oogdruppels veroorzaken na toedienen een prikkelend effect in het oog.
  • Het verdient aanbeveling de traanbuis tijdens en direct na de toediening dicht te drukken gedurende 1-3 minuten of de ogen na toediening 1-3 minuten te sluiten.
  • Bij combinatie van meerdere soorten oogdruppels wordt geadviseerd een interval van minimaal 5 minuten aan te houden.
  • Zowel oogzalf als oogdruppels dienen in de onderste conjunctivaalzak aangebracht te worden.
  • Toedienen van meer dan 1 druppel tegelijk heeft geen zin omdat de conjunctivaalzak niet meer dan 1 druppel kan bevatten.
  • Als er sprake is van infectie of irritatie van het oog of de slijmvliezen mogen geen contactlenzen worden gedragen.
  • Ook bij medicamenteuze therapie dienen contactlenzen te worden uitgelaten, daar bestanddelen van het geneesmiddel zich in de lens kunnen ophopen.
  • Algemeen geldt dat oogdruppels en oogzalf als gelijkwaardig kunnen worden beschouwd. Oogzalf en –gel in mindere mate geeft wel een tijdelijke afname van de visus.

Referenties

1. NHG-standaard Het rode oog M57, febr. 2006
2. Farmacotherapeutisch Kompas, Glaucoom, geraadpleegd februari 2019