Misselijkheid-braken

004426 v.3

Algemeen

Misselijkheid is het ongemakkelijke en onplezierige gevoel te moeten overgeven of een algeheel ongemakkelijk gevoel. Braken is het uitstoten van de inhoud van de maag door de mond. Misselijkheid en braken kunnen vele oorzaken hebben, bijvoorbeeld gastro-intestinale ontstekingen, aandoeningen aan lever, gal of pancreas, infecties in het maagdarmkanaal, systemische infecties, stress, migraine, hersenschudding, verhoogde hersendruk, bewegingsziekten, zwangerschap, vertraagde maagontlediging, chemische/metabole oorzaken en bijwerkingen van geneesmiddelen (cytostatica, opioïden).

Beleid

Bij incidenteel braken: geen medicatie, voldoende vocht innemen. Eten naar behoefte. Eventueel ORS (wordt heel snel opgenomen).
Sluit obstipatie/ileus en bijwerkingen van medicatie uit.
Indicaties voor anti-emetica zijn:

  • Bewegingsziekten (reisziekte). Medicatie: antihistaminicum, scopolamine. Bij bewegingsziekten gaat de voorkeur uit naar een antihistaminicum. Wanneer met een antihistaminicum onvoldoende resultaat wordt bereikt of wanneer een langdurige werking wordt beoogd, komt een scopolaminepleister in aanmerking.
  • Cytostaticatherapie. Medicatie: metoclopramide (dopamine-antagonisten), dexamethason (corticosteroïd), aprepitant (Emend), 5-HT3-receptorantagonisten. Zie verder www.oncoline.nl
  • Radiotherapie. Medicatie: metoclopramide. In enkele gevallen kan een 5-HT3-receptorantagonist nodig zijn.
  • Geneesmiddelen geïnduceerd braken. Medicatie: metoclopramide.

Soms kan geen ernstige onderliggende pathologie worden vastgesteld, maar is het toch nodig om een anti-emeticum te geven.
In het algemeen gaat bij ouderen en bij jongeren onder de 20 jaar de voorkeur uit naar domperidon, omdat metoclopramide aanleiding kan geven tot extrapiramidale stoornissen.
Parkinson is een relatieve contra-indicatie voor het gebruik van metoclopramide en haloperidol. Domperidon kan wel.
Domperidon en erytromycine zijn een risicofactor voor QT-verlenging. In dat geval gaat de voorkeur uit naar metoclopramide.
Bij klachten van een vertraagde maagontlediging kan een prokineticum worden gegeven: domperidon (3-4x daags 10-20 mg oraal) (2x daags 60 mg zetpil) of erytromycine (3-4x daags 250-500 mg).
Bij ernstig braken of een sterk verstoorde maaglediging zal het middel als zetpil of parenteraal moeten worden toegediend.
Neem hygiënische maatregelen, met name indien misselijkheid/braken (+/- diarree) in clusters optreedt (meer dan twee personen). Bij vermoeden infectieuze oorzaak kan een kweek worden overwogen.
Vermoeden relatie met voedsel als bron: melden bij GGD (Wet Publieke Gezondheid 2008).

Niet-medicamenteuze behandeling

Zorg voor voldoende vochtinname
Kleine hoeveelheden eten
Rustige omgeving
Ruim zittende kleding
Mondhygiëne
Rechtop zittende houding na voeding
Etensluchten vermijden
Drinken van Coca-Cola®
Zuigen op ijsklontje of bevroren stukje fruit
Bij hevig braken door obstructie of gastroparese een maaghevel overwegen

Medicamenteuze behandeling

Anti-emetica:

1 Domperidon
2 Metoclopramide
3 Haloperidol

Antihistaminica:

1 Cinnarizine
2 Cinnarizine/chloorcyclizine (Primatour)
3 Cyclizine

Parasympathicolyticum:

1 Scopolamine (Scopoderm TTS)

Prokinetica:

1 Domperidon
2 Metoclopramide
3 Erytromycine

Referenties

1. Farmacotherapeutisch Kompas
2. Formularium website NHG